Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2007
Alinea 16 Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA2160.
9. Het toepassingsgebied van dit concordantiebeginsel is niet groot. Er moet voor worden gewaakt dat typisch Nederlandse opvattingen en verlangens niet aan de Nederlandse Antillen of aan Aruba worden opgedrongen. De enkele omstandigheid dat Nederland zijn wetgeving van iets nieuws voorziet, of een bepaalde regeling drastisch wijzigt, rechtvaardigt niet dat die nieuwe regeling zonder meer gaat gelden voor gedingen die door de Nederlands Antilliaanse of Arubaanse rechter moeten worden beslist, vgl. HR NJ 2000, 51. A fortiori kan van concordantie geen sprake zijn indien het ervoor gehouden moet worden dat de wetgever in het andere deel van het Koninkrijk er bewust voor gekozen heeft de elders ingevoerde regel niet over te nemen, vgl. HR NJ 2001, 526. Dit geldt voor de concordantie waarop art. 39, eerste lid Statuut doelt, maar naar mijn inzicht evenzeer voor de 'rechtspraakconcordantie' die in HR NJ 1999, 409 als mogelijkheid is onderkend. Mij komt het overigens voor dat die laatste vorm van concordantie nooit méér kan zijn dan een bijzondere vorm van anticiperende rechtspraak.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7a76929d5827b3234d06471723a0c96a7e26bd343e25fcddeaf0d177d1b4d566. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7a76929d5827b3234d06471723a0c96a7e26bd343e25fcddeaf0d177d1b4d566, en de alinea staat in dat document op bytes 9899 tot 11006.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7a76929d5827b3234d06471723a0c96a7e26bd343e25fcddeaf0d177d1b4d566 | shasum -a 256