Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 2007

Alinea 63 Parket bij de Hoge Raad 25 september 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA2279.

Het is heel wel denkbaar dat het strafbaar gedrag van de veroordeelde bestaat uit het toebrengen van nadeel aan de staat. Zijn wederrechtelijk verkregen voordeel bestaat dan uit het nadeel dat de staat heeft geleden. Hier valt in het bijzonder te denken aan oplichting van de overheid. Sommige wettelijke regelingen, in het bijzonder de fiscale wetgeving, voorzien in een eigen instrumentarium voor de overheid om jegens haar uit de wet voortvloeiende schulden in te vorderen, ook in de gevallen waarin de schuldenaar heeft nagelaten aan zijn aangifteverplichting te voldoen of daarbij zich aan misleiding of valsheid heeft schuldig gemaakt. Waar zulks het geval is, is er voor de overheid geen reden om bovendien met behulp van het strafrecht tot de ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel te komen. Naar het oordeel van de ondergetekende gebiedt de zuiverheid, dat in dergelijke gevallen de toepasselijkheid van de strafrechtelijke maatregel wordt uitgesloten. Dit is in het onderhavige wetsvoorstel voor wat betreft de Algemene wet inzake Rijksbelastingen en de Algemene wet inzake de douane en de accijnzen gebeurd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/42e708b28c1075e40b1f0cfd4cac72da0f2d00e78ba621d85af89e9da14ae592. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 42e708b28c1075e40b1f0cfd4cac72da0f2d00e78ba621d85af89e9da14ae592, en de alinea staat in dat document op bytes 19933 tot 21078.