Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA2504.

2.3. In de parlementaire geschiedenis van deze bepaling is aandacht besteed aan het risico van oneigenlijk gebruik van de wettelijke regeling door werkgevers die voorkeur hebben voor een reeks arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd boven het sluiten van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Dit euvel deed zich in de praktijk voor in de vorm van zgn. `draaideur-constructies', waarbij arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd bij één werkgever werden afgewisseld met perioden van meer dan 31 dagen, waarin de betrokken werknemer in dienst was van een uitzendbureau of van een andere werkgever terwijl hij in feite hetzelfde werk bleef doen voor de eerstgenoemde werkgever. Nadat de Hoge Raad al een grens had gesteld aan deze praktijk(13), heeft de wetgever voor `draaideur-constructies' een regeling getroffen in de Wet flexibiliteit en zekerheid (het huidige tweede lid van art. 7:668a BW).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/64cf26b1a87976d6cfa046d685ef8c0d0e3a81f35dd2d938d1c6fcc2567740ef. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 64cf26b1a87976d6cfa046d685ef8c0d0e3a81f35dd2d938d1c6fcc2567740ef, en de alinea staat in dat document op bytes 14239 tot 15158.