Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2007
Alinea 79 Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 oktober 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA2622.
3.10 Als de besluitgever met zijn verwijzing in artikel 8 van het UB naar "werknemer in de zin van artikel 2 van de Wet" bedoeld heeft werknemers in fictieve dienstbetrekking uit te sluiten en slechts personen in privaat- of publiekrechtelijke dienstbetrekking aan te wijzen, dan had hij deze woorden niet moeten kiezen. Naast het feit dat de commissaris expliciet wordt genoemd in artikel 2, lid 3, van de Wet en personen in fictieve dienstbetrekking naar mijn mening werknemer in de zin van artikel 2 van de Wet zijn, omvat artikel 2 van de Wet meer dan alleen werknemers in privaat- of publiekrechtelijke (of fictieve) dienstbetrekking: ook personen die loon genieten uit een vroegere dienstbetrekking van hemzelf of van een ander, dan wel uit een bestaande dienstbetrekking van een ander, is werknemer in de zin van artikel 2 van de Wet. De besluitgever had de onduidelijkheid kunnen voorkomen door in artikel 8 van het UB met zoveel woorden de fictieve dienstbetrekkingen uit te sluiten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2d387d2de182c77c8745831d2a44162703e2843fe4cc2867a75d5068d512ca92. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2d387d2de182c77c8745831d2a44162703e2843fe4cc2867a75d5068d512ca92, en de alinea staat in dat document op bytes 31063 tot 32068.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2d387d2de182c77c8745831d2a44162703e2843fe4cc2867a75d5068d512ca92 | shasum -a 256