Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Alinea 49 Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA3098.

We gingen naar de slaapkamer van [verdachte]. Boven stond alles klaar. Ik maakte dit op uit het feit dat het bed afgedekt was met een wit laken. [verdachte] ging verder met het maken van foto's. Ik lag op bed. [verdachte] maakte allerlei opmerkingen over mijn lichaam. [verdachte] kwam bij mij op het bed zitten en begon aan mijn lichaam te voelen. Hij voelde aan mijn borsten en kietelde tussen mijn benen. Ik voelde mij heel ongemakkelijk en angstig. [verdachte] heeft een heleboel foto's gemaakt. Naast het bed zag ik een wekker op een nachtkastje staan. Ik zag dat het bijna 17.00 uur was. Ik zei dat ik naar huis moest. Ik heb de woning verlaten en ben met een omweg naar huis gefietst. Het moest voor mijn ouders lijken alsof ik van "[A]" afkwam. Ik voelde mij vies en ben in een roes naar huis gefietst. Ik voelde mij niet alleen vies, maar ook erg schuldig.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d0c151a7905d20076fe850d35741e57d419108abf64526ff726727757623ea79. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d0c151a7905d20076fe850d35741e57d419108abf64526ff726727757623ea79, en de alinea staat in dat document op bytes 21990 tot 22868.