Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Alinea 88 Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA3098.

Het Hof heeft kennelijk geoordeeld dat op het punt van de pleegdatum van het tenlaste gelegde de oriëntatie in de tijd van het slachtoffer niet zodanig gebrekkig was dat aan haar verklaring geen bewijswaarde kon worden toegekend. Daarbij heeft het Hof gewicht toegekend aan het door het slachtoffer gehanteerde ijkpunt, dat zij vanaf haar zestiende op een brommer reed en ten tijde van het bewezenverklaarde nog niet. Ook heeft het Hof daarbij acht geslagen op de verklaring van Van Rijn, die kan dienen ter ondersteuning van de verklaring van het slachtoffer. Onbegrijpelijk is dat alles, mede gezien in het licht van de bewijsmiddelen, niet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d0c151a7905d20076fe850d35741e57d419108abf64526ff726727757623ea79. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d0c151a7905d20076fe850d35741e57d419108abf64526ff726727757623ea79, en de alinea staat in dat document op bytes 39844 tot 40501.