Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Alinea 90 Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA3098.

Wat betreft het aangestipte punt van de mogelijke aanwezigheid van de vriend van het slachtoffer bij het gesprek met dr. drs. Ligthart, zoals in de schriftuur geciteerd, geldt dat deze mogelijkheid geen afbreuk doet aan het door het Hof gemotiveerde oordeel omtrent de bewezenverklaarde pleegperiode. Die enkele mogelijkheid legt volstrekt onvoldoende gewicht in de schaal, zeker indien men in aanmerking neemt dat in het rapport van prof. Bullens, waarin die mogelijke aanwezigheid een majeure kunstfout wordt genoemd, tevens gemotiveerd wordt geconcludeerd dat hij het "op centrale onderdelen volledig eens [is] met dhr. Ligthart waar het gaat om de waarachtigheid/betrouwbaarheid (in psychologische zin) van de verklaring van [slachtoffer 1]".(2)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d0c151a7905d20076fe850d35741e57d419108abf64526ff726727757623ea79. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d0c151a7905d20076fe850d35741e57d419108abf64526ff726727757623ea79, en de alinea staat in dat document op bytes 40801 tot 41564.