Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Alinea 49 Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA3142.

[betrokkene 1] is in 2001 en in 2003 door verbalisanten gehoord. Zij is ook bij de rechter-commissaris gehoord op 9 juli 2003. Ter terechtzitting van het hof is [betrokkene 1] onder ede als getuige wederom gehoord. Het hof is van oordeel dat de verschillende door [betrokkene 1] afgelegde verklaringen in onderling verband beschouwd consistent zijn en allerlei onderling met elkaar overeenstemmende details bevatten die maken dat deze verklaringen als betrouwbaar kunnen gelden. Essentiële delen van voornoemde verklaringen van [betrokkene 1] vinden in belangrijke mate steun in de verklaring van haar vader, haar zus [betrokkene 2] en de telefonische contacten die hebben plaatsgevonden. Voorts heeft het hof mede in acht genomen de geloofwaardige wijze waarop [betrokkene 1] ter terechtzitting haar verklaring heeft afgelegd."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/81aeaacc60c4a3cf6f8487ff8eef2abf88c60e4d5844fd117dbcc7ecc34ac549. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 81aeaacc60c4a3cf6f8487ff8eef2abf88c60e4d5844fd117dbcc7ecc34ac549, en de alinea staat in dat document op bytes 21235 tot 22077.