Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 september 2007

Alinea 31 Parket bij de Hoge Raad 7 september 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 september 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA3521.

12) Ik vind deze beoordeling, anders dan de steller van het middel, niet onbegrijpelijk. Het gegeven dat [betrokkene 1] (mogelijk) méér grond in gebruik had dan hem krachtens de geldende huurovereenkomsten toekwam, is ongetwijfeld een gegeven dat potentieel "verzilverd" kan worden. Daarom is het niet onbegrijpelijk dat men aanneemt dat een redelijk handelend koper bereid zal zijn de desbetreffende m² hoger te waarderen dan op nihil, zoals namens de Staat werd voorgestaan. Allicht is dan enigszins speculatief, wélke waarde de redelijke koper bereid zou zijn voor de hier aanwezige latente claim in zijn bod te betrekken - maar eenmaal gegeven dát deze claim een zekere waarde vertegenwoordigt, is het niet onbegrijpelijk dat men de huurwaarde van de desbetreffende grond daarbij als richtsnoer neemt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d518c2692455d1aaaa54a384c872462d9240ea9a2a6bdce14ad67f67a8558804. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d518c2692455d1aaaa54a384c872462d9240ea9a2a6bdce14ad67f67a8558804, en de alinea staat in dat document op bytes 13080 tot 13904.