Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2007

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA3526.

Het middel klaagt verder dat uit de aard van de volgens de stellingen van het Eilandgebied gesloten overeenkomst voortvloeit dat niet dan nadat de betrokken getuigen zijn gehoord, kan worden vastgesteld of er afspraken zijn gemaakt, wanneer precies en met welke strekking. Het bewijsaanbod daartoe is voldoende uitgewerkt en nader geconcretiseerd. Dat niet duidelijk zou zijn waartoe het bewijsaanbod zou moeten leiden, zoals het Hof in rov. 21 heeft overwogen, is dan ook niet juist en getuigt van een onjuiste althans te beperkte visie op de mogelijkheid die een procespartij dient te krijgen haar stellingen te bewijzen. Volgens het middel dient hierbij mede in aanmerking te worden genomen dat in eerste aanleg vanwege zich voordoende praktische redenen geen getuigen zijn gehoord, terwijl toen reeds bewijs door het Eilandgebied was aangeboden en door het Gerecht was toegestaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aaaf3ea294fb72e6e9219887e0b98eab55bd6e6f10cb9a13e904872b9246a1f7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aaaf3ea294fb72e6e9219887e0b98eab55bd6e6f10cb9a13e904872b9246a1f7, en de alinea staat in dat document op bytes 17351 tot 18248.