Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007
Alinea 274 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA3529.
Zo heeft het hof 's-Hertogenbosch in zijn beschikking van 16 januari 2006(59) de lijn van het CBP gevolgd. Ook het hof te Arnhem volgde in een beschikking van 28 februari 2006 grotendeels de lijn van het CBP.(60) In die zaak speelde overigens niet (meer) de vraag of het recht op inzage als bedoeld in art. 35 lid 2 Wbp tevens het recht op inzage in opgenomen telefoongesprekken omvat.(61) De rechtbank te Almelo(62) had hierover in eerste aanleg geoordeeld dat de bandopnamen als zodanig niet als een gestructureerd bestand konden worden aangemerkt en dat Dexia daarom niet gehouden was om de betreffende verzoeker te informeren omtrent de met hem gevoerde telefoongesprekken die op die banden voorkwamen.(63) Hieraan voegde de rechtbank echter toe dat een en ander anders zou zijn geweest indien de verzoeker exact had aangegeven op welke dag en welk tijdstip hij met welke medewerker van Dexia had gesproken. De rechtbank ging er daarbij vanuit dat de bewaard gebleven telefoongesprekken op datum en uur waren opgeslagen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e67663cea7fb1763f78bb95dcbb751c17fc59e775d9efd21672a0d3fe48d0937. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e67663cea7fb1763f78bb95dcbb751c17fc59e775d9efd21672a0d3fe48d0937, en de alinea staat in dat document op bytes 94928 tot 95966.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e67663cea7fb1763f78bb95dcbb751c17fc59e775d9efd21672a0d3fe48d0937 | shasum -a 256