Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007

Alinea 335 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA3529.

Naar mijn mening laat het begrip 'volledig overzicht' in art. 35 lid 2 Wbp de hierboven aangegeven uitleg toe, en is die uitleg ook het meest in overeenstemming met de gedachte achter het inzagerecht, ofwel het transparantiebeginsel.(90) Het recht op inzage heeft tot doel de burger de mogelijkheid te geven om te weten hoe zijn persoonsgegevens zijn verwerkt, en tevens te controleren of dat op juiste wijze is gebeurd zodat - indien dit niet het geval is - de betrokkene zijn correctierecht (als bedoeld in art. 36 Wbp, dat tevens omvat een aanspraak op verwijdering indien de gegevens niet ter zake dienend zijn) zou kunnen uitoefenen: zie hierboven nr. 4.8 e.v. In de Richtlijnconsiderans (sub 41) is het zelfs zo geformuleerd dat 'een ieder over het recht moet kunnen beschikken toegang te verkrijgen tot de gegevens die het voorwerp van een verwerking vormen en hemzelf betreffen, zodat hij zich van de juistheid en de rechtmatigheid van de verwerking ervan kan vergewissen.' M.i. kan aan dit doel slechts tegemoet worden gekomen als de betrokkene tevens inzage krijgt in de context waarin de hem betreffende persoonsgegevens zijn verwerkt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e67663cea7fb1763f78bb95dcbb751c17fc59e775d9efd21672a0d3fe48d0937. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e67663cea7fb1763f78bb95dcbb751c17fc59e775d9efd21672a0d3fe48d0937, en de alinea staat in dat document op bytes 124861 tot 126021.