Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2007
Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA3602.
3.8 Niet uitgesloten is dat verdachte bedoelde woorden heeft geuit omdat hij zich onheus bejegend voelde door de politie, zoals de steller van het middel aanvoert, ook al kunnen vraagtekens worden gesteld bij dat oordeel van de verdachte. Die omstandigheid biedt echter geen vrijbrief voor het uiten van beledigingen aan het adres van de personen die dat gevoel bij de verdachte zouden hebben teweeggebracht.(6) Het uiten van een mening dat een bepaalde handelswijze van de politie discriminerend zou zijn, is wat anders dan het "labellen" van de politieambtenaren als racisten. Kortom: (ook) van verdachte mocht worden verwacht dat hij aan zijn ongenoegen betreffende het overheidsoptreden op een andere wijze uitdrukking zou geven dan in de vorm van beledigingen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b648644797a327faa25d3125ea48e1205d470f7df3f52e9d8d54beb8254f1f63. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b648644797a327faa25d3125ea48e1205d470f7df3f52e9d8d54beb8254f1f63, en de alinea staat in dat document op bytes 11566 tot 12345.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b648644797a327faa25d3125ea48e1205d470f7df3f52e9d8d54beb8254f1f63 | shasum -a 256