Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007
Alinea 9 Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA3627.
3.1. Het eerste middel houdt in dat het verkorte proces-verbaal van de terechtzitting d.d. 3 februari 2006, niet vermeldt dat de verdachte de cautie heeft gekregen. Het moet er aldus voor worden gehouden dat dit niet is geschied. Verdachte is daardoor in zijn belangen geschaad. Indien de cautie wel zou zijn gegeven, zoals in het uitgewerkte proces-verbaal is te lezen, voldoet het verkorte proces-verbaal niet aan de eisen, hetgeen volgens de stellers van het middel tot nietigheid moet leiden. In de toelichting worden nog meer dingen aangegeven die volgens de stellers van het middel in het verkorte proces-verbaal behoren te worden opgenomen: de beslissingen op de verzoeken ter terechtzitting gedaan en de motivering van die beslissingen, het voordragen van de zaak, de toestemming om met het geschorste onderzoek voort te gaan, het voorhouden van de stukken, de vordering van de advocaat-generaal en het laatste woord. Dat zulks wel in het aanvullende, volledige proces-verbaal van de terechtzitting is opgenomen, maakt dit naar het oordeel van de stellers van het middel niet anders.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/32e68d3f25042e98b01bacc03729185f1718fe7a02214063854d93afa75e2078. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 32e68d3f25042e98b01bacc03729185f1718fe7a02214063854d93afa75e2078, en de alinea staat in dat document op bytes 5123 tot 6227.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/32e68d3f25042e98b01bacc03729185f1718fe7a02214063854d93afa75e2078 | shasum -a 256