Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2007

Alinea 83 Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 oktober 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA4492.

2.13. Op grond van het voorgaande kom ik tot de slotsom dat de rechtsklacht faalt. Het hof heeft niet blijk gegeven van een onjuiste (te ruime) rechtsopvatting omtrent de eisen die de norm van het goed werkgeverschap op dit punt aan de Rabobank stelt. De tekortkoming in de informatie omtrent de keuzemogelijkheden en de rechtsgevolgen wanneer de werkneemster de optie "nee" zou aankruisen, in combinatie met de in rov. 4.6 bedoelde, op de werkneemster uitgeoefende druk, heeft het hof mogen beschouwen als onverenigbaar met goed werkgeverschap. Het argument van de Rabobank dat een ieder - dus ook de werkneemster - wordt geacht de wet te kennen, miskent dat dit adagium niet zo ver gaat dat een werknemer niet zou mogen afgaan op de juistheid van mededelingen van de werkgever(23).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f9ffcf9d4fe6f71eaad1cc7bbef661105b88cd3e4b41e83399e21a72ec1d009f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f9ffcf9d4fe6f71eaad1cc7bbef661105b88cd3e4b41e83399e21a72ec1d009f, en de alinea staat in dat document op bytes 39936 tot 40732.