Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 augustus 2007

Alinea 68 Parket bij de Hoge Raad 10 augustus 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 augustus 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA4569.

"-3.3. (...). Bij zijn voormelde oordeel is het Hof kennelijk en terecht ervan uitgegaan dat artikel 6:11 Awb ziet op gevallen waarin de belanghebbende redelijkerwijs niet in staat was tegen een besluit tijdig een rechtsmiddel aan te wenden. Anders dan het Hof heeft geoordeeld, doet zich hier zodanig geval evenwel niet voor. De stukken van het geding laten immers geen andere gevolgtrekking toe dan dat belanghebbende wel in staat was om binnen de wettelijke bezwaartermijn tegen de waardebeschikking bezwaar te maken, maar dat niet heeft gedaan omdat zij daartoe (binnen de bezwaartermijn) geen reden had. Een nadien opgekomen reden kan niet bewerkstelligen dat een inmiddels plaatsgehad hebbende niet-verschoonbare termijnoverschrijding alsnog verschoonbaar wordt."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4c555d1f75e89515a713a0a5d14554d5687d3da175487062dd86d2d41f1aeda0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4c555d1f75e89515a713a0a5d14554d5687d3da175487062dd86d2d41f1aeda0, en de alinea staat in dat document op bytes 21590 tot 22372.