Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007
Alinea 50 Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA4606.
Voor het oude BW gold eveneens het uitgangspunt dat de gelaedeerde zoveel mogelijk in de toestand wordt gebracht waarin hij zou verkeren indien het schadeveroorzakende feit achterwege zou zijn gebleven of, korter gezegd, dat de daadwerkelijk geleden schade zo volledig mogelijk wordt vergoed. Voor zover tussen de betrokken partijen niet anders is overeengekomen, was het ook aan de rechter de omvang van de schade te bepalen. De aan de begroting van schade gewijde artikelen uit het nieuwe BW als artikel 6:97 en artikel 6:105 BW kwamen in het oude BW niet voor. Het bepaalde in het eerstgenoemde artikel en in lid 1 van het tweede artikel vormde evenwel vóór 1 januari 1992 al geldend recht((6)). Ook toen gold dat de rechter grote vrijheid toekwam bij de wijze van begroting en bepaling van de omvang van de schade. Voor zover uit de wet niet anders volgde, kon hij de wijze van begroten ook ambtshalve bepalen en, daar waar de schade niet nauwkeurig te bepalen was, kon hij die ook schattenderwijs vaststellen. Voor nog niet ingetreden schade kon eveneens op voorhand een vergoeding worden gevorderd en toegekend.((7))
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8ddd02bf7a7239f74d2e52e88906e3d881a19eb017d05bfcf65eba4d43ec9104. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8ddd02bf7a7239f74d2e52e88906e3d881a19eb017d05bfcf65eba4d43ec9104, en de alinea staat in dat document op bytes 24701 tot 25838.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8ddd02bf7a7239f74d2e52e88906e3d881a19eb017d05bfcf65eba4d43ec9104 | shasum -a 256