Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007

Alinea 107 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA4607.

4.16. Onderdeel I.2 is gericht tegen rov. 4.7 en 4.8 van het eindarrest, waarin het hof [eiser]s stelling verwerpt dat de vermogenstoename voornamelijk het gevolg is van de autonome waardestijging van het bedrijfspand. Dit oordeel is hiervoor onder 3.31 geciteerd. Het onderdeel strekt ten betoge dat dit oordeel onbegrijpelijk is, nu [eiser] deze stelling niet louter en alleen had aangevoerd in het kader van de vraag of er sprake was van goodwill, zoals het hof overweegt. Zijn betoog had de meer algemene strekking dat [verweerster] niet had bijgedragen aan de vermogenstoename binnen [eiser]s onderneming, nu die grotendeels aan de autonome waardestijging van het pand valt toe te schrijven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/10cab0b80a8836165522318d09f6384b4570da0d38a19a5a9c8d009d1cb49c27. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 10cab0b80a8836165522318d09f6384b4570da0d38a19a5a9c8d009d1cb49c27, en de alinea staat in dat document op bytes 42457 tot 43167.