Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007

Alinea 126 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA4607.

4.32. Onderdeel II.5 klaagt erover dat 's hofs oordeel in rov. 4.13 van het eindarrest dat [eiser] onvoldoende heeft gesteld voor zijn conclusie dat de inbreng van f 77.000,- niet heeft geleid tot een vermogenstoename onbegrijpelijk is, gelet op zijn stellingen in de MvG van 23 september 2004. Daar (blz. 13, 5e alinea, met verwijzing naar §5 van dezelfde MvG) heeft [eiser] betoogd dat hij de winst volledig heeft aangewend voor de kosten van de huishouding en dat hij daaraan minder had kunnen bijdragen als de winst met de fictieve loonkosten zou zijn verminderd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/10cab0b80a8836165522318d09f6384b4570da0d38a19a5a9c8d009d1cb49c27. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 10cab0b80a8836165522318d09f6384b4570da0d38a19a5a9c8d009d1cb49c27, en de alinea staat in dat document op bytes 54674 tot 55255.