Citaat | Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007

Alinea 93 Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 29 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA4607.

4.4. Als een procespartij in hoger beroep is geweest van een tussenuitspraak, dan kan diezelfde partij later niet nog een tweede keer tegen diezelfde uitspraak in beroep gaan. Heeft iemand dus direct geappelleerd tegen een tussenvonnis, dan staat hoger beroep tegen het tussenvonnis niet meer open als uiteindelijk de einduitspraak wordt gewezen. De goede procesorde verzet zich daartegen. Per uitspraak heeft een procespartij dus maar een keer de mogelijkheid van hoger beroep.(9) Een niet-ontvankelijkverklaring in een hoger beroep tegen een tussenbeslissing staat echter niet in de weg aan een later beroep tegen diezelfde beslissing.(10) Verder verspeelt een procespartij zijn beroepsmogelijkheden niet, wanneer hij niet incidenteel in beroep gaat als de wederpartij tussentijds hoger beroep instelt. Alleen die laatste partij heeft dan zijn ene beroepsmogelijkheid benut, maar de andere partij zou bij een latere gelegenheid alsnog beroep kunnen instellen, bijvoorbeeld tegelijk met de einduitspraak.(11)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/10cab0b80a8836165522318d09f6384b4570da0d38a19a5a9c8d009d1cb49c27. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 10cab0b80a8836165522318d09f6384b4570da0d38a19a5a9c8d009d1cb49c27, en de alinea staat in dat document op bytes 34932 tot 35954.