Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 september 2007

Alinea 116 Parket bij de Hoge Raad 14 september 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 september 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA4887.

3.24 Subonderdeel 4.2 voert aan dat de hiervoor door de Ondernemingskamer getroffen voorziening tevens rechtens onjuist is omdat blijkens de Zwagerman Beheer-beschikking aan door de Ondernemingskamer benoemde commissarissen geen andere bevoegdheden kunnen worden toegekend dan die de wet toelaat. Ingevolge art. 2:146 BW is de algemene vergadering van aandeelhouders steeds bevoegd een of meer andere personen aan te wijzen die de (naamloze) vennootschap vertegenwoordigen in alle gevallen waarin sprake is van een tegenstrijdig belang, welke bepaling van dwingend recht is verklaard in HR 3 mei 2002, NJ 2002, 393 m.nt. PvS ([...] / [...]) rov. 3.5.2.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9182f6595c8b367ce409d716f65ea948df1a6ebc7ca53eb0494b151ebe29241e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9182f6595c8b367ce409d716f65ea948df1a6ebc7ca53eb0494b151ebe29241e, en de alinea staat in dat document op bytes 51134 tot 51799.