Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 september 2007

Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 14 september 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 september 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA4887.

2.2 Het cassatiemiddel stelt - onder meer - aan de orde de vraag naar de reikwijdte van de in art. 2:349a BW aan de Ondernemingskamer gegeven bevoegdheid tot het treffen van onmiddellijke voorzieningen. Zo wordt de vraag opgeworpen of de Ondernemingskamer bij het treffen van onmiddellijke voorzieningen mag afwijken van dwingendrechtelijke bepalingen uit Boek 2. Over die vraag bestaat in de literatuur discussie. Alvorens daarop in te gaan sta ik kort stil bij de totstandkoming van art. 2:349a BW.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9182f6595c8b367ce409d716f65ea948df1a6ebc7ca53eb0494b151ebe29241e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9182f6595c8b367ce409d716f65ea948df1a6ebc7ca53eb0494b151ebe29241e, en de alinea staat in dat document op bytes 8754 tot 9267.