Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 september 2007

Alinea 136 Parket bij de Hoge Raad 14 september 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 september 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA4888.

4.9 Het onderdeel faalt. Het is inderdaad een regel van dwingend vennootschapsrecht dat de taak van de raad commissarisssen bij de gezamenlijke commissarissen berust. Voor vervulling van de taken van de raad draagt ook iedere commissaris verantwoordelijkheid. Men zou dit het beginsel van collegiaal toezicht kunnen noemen. Ik acht het verdedigbaar dat de Ondernemingskamer van deze regel van dwingend vennootschapsrecht afwijkt ingeval een onderbouwd risico bestaat dat een orgaan, zoals de raad van commissarissen, dat geacht wordt het vennootschappelijk belang (met daarin begrepen de belangen van de minderheidsaandeelhouders) te behartigen, in onvoldoende mate de belangen van een groep minderheidsaandeelhouders zou verdisconteren. Ik ben van mening dat de Ondernemingskamer in het onderhavige geval op begrijpelijke gronden van de dwingende regel van collegiale besluitvorming is afgeweken. Van belang is nog dat de door de Ondernemingskamer opgelegde voorziening aansluit bij III-6.2 van de Nederlandse corporate governance code. Deze paragraaf sluit commissarissen die een dubbelrol in een groep bekleden uit van de besluitvorming over intra-concerntransacties. Dat is precies wat de Ondernemingskamer met de door haar getroffen voorziening bereikte.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/48667d07160abf9c430d2498542f775241691f69d7fc896032fe27f93afe3763. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 48667d07160abf9c430d2498542f775241691f69d7fc896032fe27f93afe3763, en de alinea staat in dat document op bytes 50828 tot 52101.