Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 september 2007
Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 4 september 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 september 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA4940.
In zijn conclusie vóór HR 23 april 1996, NJ 1996, 512 (Rietbranden Waterschap Westfriesland) signaleert mijn voormalig ambtgenoot mr. Fokkens ook deze problematiek. In die zaak was overtreding van art. 10.3 (oud) Wm tenlastegelegd, maar zonder het woordje "opzettelijk". Fokkens was van oordeel dat, nu de delictomschrijving inhield: weet of redelijkerwijs had kunnen weten, dit reeds impliceert dat de opzetvariant in de tenlastelegging zat ingebakken, en dus het woordje "opzettelijk" overbodig zou zijn. Dat zou betekenen dat Uw Raad het openbaar ministerie in die zaak niet-ontvankelijk had moeten verklaren, nu er alleen cassatie openstond in het geval er een overtreding was tenlastegelegd.(2) Uw Raad achtte echter, na te zijn ingegaan op het middel, het openbaar ministerie niet-ontvankelijk op de grond dat het waterschap een openbaar lichaam is. Daaruit wordt de conclusie getrokken dat Uw Raad het tenlastegelegde als een overtreding las. Immers, ware het geen overtreding, dan had het voor de hand gelegen op dié grond het cassatieberoep niet ontvankelijk te verklaren. De conclusie is dan ook dat art. 10.3 (oud) Wm alleen tot misdrijf kan worden gepromoveerd als het woordje opzettelijk in de tenlastelegging wordt opgenomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6f6bf16718cba952ed2cf66692e8513f777c6c79590acef7bffe27d9c5db0ced. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6f6bf16718cba952ed2cf66692e8513f777c6c79590acef7bffe27d9c5db0ced, en de alinea staat in dat document op bytes 14772 tot 16028.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6f6bf16718cba952ed2cf66692e8513f777c6c79590acef7bffe27d9c5db0ced | shasum -a 256