Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 augustus 2007

Alinea 117 Parket bij de Hoge Raad 28 augustus 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 augustus 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA5639.

3.2. Een betoog waarin een beroep wordt gedaan op niet hoogst onwaarschijnlijke feiten en/of omstandigheden die met de inhoud van de door de rechter gebezigde bewijsmiddelen niet in strijd zijn doch die - indien juist - onverenigbaar zijn met de bewezenverklaring (het Meer en Vaart-verweer, zo genoemd naar de casus van HR 1 februari 1972, NJ 1974, 450), is zo een bewijsverweer waarvan de feitenrechter ook vroeger al de juistheid niet in het midden mocht laten. Dat geldt ook voor de zogenoemde dakdekkerverweren - die hun benaming ontlenen aan de casus van HR 16 februari 1982, NJ 1982, 411 - waarin de uitleg van een in de telastelegging opgenomen of daarin besloten liggend begrip dat aan de wet is ontleend, aan de orde wordt gesteld."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/be97562cca0493b3632f4cf3bc6d97eb46a0ba8c99c247bd63a67df3a24d63b6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt be97562cca0493b3632f4cf3bc6d97eb46a0ba8c99c247bd63a67df3a24d63b6, en de alinea staat in dat document op bytes 25443 tot 26198.