Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2007
Alinea 62 Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 juli 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA5801.
12 Ik wil niet onvermeld laten dat de in de stukken herhaalde stelling dat voor de kinderen, nu die niet erkend zijn, geen levensonderhoud ten laste van de vader(s) gevorderd zou kunnen worden, mij een beetje heeft verbaasd: het is mij niet duidelijk geworden waarom art. 1:394 (of, desgeraden, art. 1:207 en 208) BW geen toepassing zouden kunnen vinden. Ik zinspeelde intussen al op de mogelijkheid dat [verzoekster] niet weet, wie zij als vader(s) van de kinderen moet aanmerken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3ad454cc50335c34b71ee78d25e0ce77266e03f8ee6aa12e476ca221353d9f86. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3ad454cc50335c34b71ee78d25e0ce77266e03f8ee6aa12e476ca221353d9f86, en de alinea staat in dat document op bytes 23847 tot 24341.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3ad454cc50335c34b71ee78d25e0ce77266e03f8ee6aa12e476ca221353d9f86 | shasum -a 256