Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007
Alinea 45 Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA6239.
2.6. Het hof is zich van dit onderscheid terdege bewust geweest, hetgeen blijkt uit de verschillende mogelijkheden en stellingen die het hof in de rov. 4.12 - 4.15 bespreekt. Het hof heeft in rov. 4.13 - aan de hand van (a) de getuigenverklaringen, (b) de omstandigheid dat op het inschrijfformulier een onvoorwaardelijke en onherroepelijke aanbieding werd vereist, (c) de inhoud van de op de voorzijde van het formulier vermelde "voorbehouden" en (d) de wijze waarop deze door Aan de Stegge c.s. mondeling in de voorbespreking en vervolgens op het formulier is gepresenteerd - de verklaringen van Aan de Stegge opgevat in die zin dat Aan de Stegge zich jegens [verweerster] wilde verbinden tot een overeenkomst waarin deze bedingen bij wijze van ontbindende voorwaarden zijn opgenomen. In de rov. 4.14.1 en 4.14.2 is het hof nader ingegaan op de gestelde mogelijkheid dat Aan de Stegge deze bedingen heeft bedoeld als opschortende voorwaarden. Mede aan de hand van eigen stellingen van Aan de Stegge c.s. ten processe, heeft het hof die mogelijkheid verworpen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8cde94824d379db382d8e255fd8b98bc7f7eada20f38871bcd980981b007638e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8cde94824d379db382d8e255fd8b98bc7f7eada20f38871bcd980981b007638e, en de alinea staat in dat document op bytes 15592 tot 16666.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8cde94824d379db382d8e255fd8b98bc7f7eada20f38871bcd980981b007638e | shasum -a 256