Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007

Alinea 20 Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA6258.

1.5 In de door hen genomen memorie van antwoord bestrijden [verweerders] dat [eiseres] de met hen gesloten huurovereenkomst onder druk heeft gesloten. [Eiseres] heeft, zo stellen zij, zich tot hen gewend voor het aangaan van een contract, toen zij had vernomen dat [verweerders] de leverancier van water en elektriciteit Aqualectra er van hadden weten te overtuigen de bewoners op het voormalige plantageterrein van water en elektriciteit te voorzien, voordat de verkaveling van dat terrein tot stand zou zijn gekomen. Zij heeft ook toegezegd alle kosten in verband met de aansluiting te zullen vergoeden. Het huurcontract heeft [eiseres], aldus nog steeds [verweerders], met hen gesloten, terwijl zij geheel bekend was met het geschil dat zij met de erven [betrokkene 2] over de eigendom van het voormalige plantageterrein hebben. Zij is een dochter van een van de erven [betrokkene 2]. Aan het slot van hun memorie concluderen [verweerders] tot verwerping van de vorderingen van [eiseres] en tot bekrachtiging van het vonnis van het GEA.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4f28cf5c139ce5065cf7a2a53446ce5963fdb8786b104157da9753385130499a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4f28cf5c139ce5065cf7a2a53446ce5963fdb8786b104157da9753385130499a, en de alinea staat in dat document op bytes 7977 tot 9029.