Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2007
Alinea 19 Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA6269.
4. De erven [betrokkene 1] hebben de vordering gemotiveerd weersproken. Zij hebben betwist dat zij de nalatenschap zuiver hebben aanvaard alsmede dat het legaat strekte tot voldoening aan een natuurlijke verbintenis. Zij hebben zich beroepen op de voorrangsregel van art. 4:1085 (oud) BW en zij hebben betoogd dat zij niet waren gehouden de hypothecaire lasten te voldoen of de executie te voorkomen, omdat van meet af aan duidelijk was dat de nalatenschap onvoldoende liquide middelen omvatte om hun vorderingen als erfgenamen van hun moeder en als legitimarissen van hun vader te voldoen en [eiseres] ook niet in staat was de woning te kopen, zodat de woning dus diende te worden verkocht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b3bc3cbe996e9cf20b65c3487ac1718557e95bc86fe8e4469cdc08e5d52b0151. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b3bc3cbe996e9cf20b65c3487ac1718557e95bc86fe8e4469cdc08e5d52b0151, en de alinea staat in dat document op bytes 10151 tot 10855.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b3bc3cbe996e9cf20b65c3487ac1718557e95bc86fe8e4469cdc08e5d52b0151 | shasum -a 256