Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2007

Alinea 35 Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 juni 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA6269.

11. De in middelonderdeel 1a vervatte rechtsklacht ziet naar mijn oordeel eraan voorbij dat uit de hiervoor besproken arresten niet kan worden afgeleid dat een bij legaat getroffen voorziening die erop is gericht dat de partner na echtscheiding of overlijden in de "echtelijke" woning kan blijven wonen (in de beide hiervoor besproken arresten door het verschaffen van geld, in casu door het bij testament legateren van een zakelijk recht van gebruik en bewoning) steeds geacht moet worden te zijn getroffen ter voldoening aan een natuurlijke verbintenis. Integendeel: nog los van de vraag welke rol de in hiervoor besproken arresten in aanmerking genomen omstandigheden hierbij spelen, dienen in elk geval de wederzijdse welstand en behoefte in de beoordeling te worden betrokken. 's Hofs oordeel dat bij gebrek aan gegevens hieromtrent geen natuurlijke verbintenis kan worden aangenomen is derhalve juist. Hierop stuit het onderdeel reeds af. Daarbij zal het - ingevolge de jurisprudentie van uw Raad - gaan om de wederzijdse welstand en behoefte ten tijde van de making.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b3bc3cbe996e9cf20b65c3487ac1718557e95bc86fe8e4469cdc08e5d52b0151. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b3bc3cbe996e9cf20b65c3487ac1718557e95bc86fe8e4469cdc08e5d52b0151, en de alinea staat in dat document op bytes 23146 tot 24232.