Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 2007

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 25 september 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA6326.

Het hof overweegt in dat verband het volgende. Ter terechtzitting heeft verdachte verklaard dat hij zich de naam van de medewerker van de RDW, die hij heeft gesproken, niet meer kan herinneren. Dat is, mede gelet op het feit dat de regeling duidelijk is en geen reden geeft om zelfs maar te veronderstellen dat vooruitlopend op de verlening van een nieuwe vergunning alvast onder met naar die vergunning goed te keuren regiem mag worden gereden, onvoldoende om dat verweer feitelijk aannemelijk te maken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cc6c0924275af362afa21e069a4e53d676a2d1c4a19915748e3d99889b37e6cf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cc6c0924275af362afa21e069a4e53d676a2d1c4a19915748e3d99889b37e6cf, en de alinea staat in dat document op bytes 15777 tot 16294.