Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2007

Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA6756.

Vervolgens heeft het hof overwogen dat tegen hetgeen in rechtsoverweging 4.3 van het tussenvonnis is overwogen en tegen de daarin opgenomen bewijsopdrachten geen afzonderlijke grieven zijn gericht (rechtsoverweging 4.8). Na een weergave van deze bewijsopdrachten (in rechtsoverweging 4.9), heeft het hof het oordeel van de rechtbank dat [eiser] niet is geslaagd in het hem opgedragen bewijs, tot het zijne gemaakt (rechtsoverweging 4.10-4.11).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd1601befb3bc4d87cb81799e95b37dbf8b9de5193a7b27766d8e2e339152cf7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd1601befb3bc4d87cb81799e95b37dbf8b9de5193a7b27766d8e2e339152cf7, en de alinea staat in dat document op bytes 18335 tot 18792.