Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007
Alinea 101 Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA7560.
Deze klacht faalt omdat zij, naar het voorkomt, stoelt op een onjuiste opvatting omtrent de betekenis die bij artikel 283 K aan het belang van de aansprakelijkheidsverzekeraar toekomt. Die betekenis is in beginsel hiertoe beperkt dat het belang van de verzekeraar meebrengt dat hij alleen dan tot vergoeding van bereddingskosten zal zijn gehouden, indien en voor zover de beredding betrekking heeft op het voorkomen of beperken van schade, waarvoor de aansprakelijkheidsverzekering dekking biedt. Is dat het geval dan wordt het belang, dat de verzekeraar zich met de aansprakelijkheidsverzekering heeft aangetrokken, gediend en is voldaan aan het vereiste voor toepassing van artikel 283 K dat de beredding betrekking heeft op een belang van de verzekeraar. Welke bereddingsmaatregelen redelijk zijn en welke kosten in dat verband redelijkerwijs mogen worden gemaakt, zijn vragen waarvan de beantwoording in ieder geval niet uitsluitend afhankelijk dient te worden gesteld van het financiële belang van de verzekeraar. Met de aansprakelijkheidsverzekering neemt de verzekeraar het risico over van aansprakelijkheid voor schade van de verzekerde jegens een derde; de aansprakelijkheidsverzekering is dus betrokken bij verhoudingen van de verzekerde tot derden, waarbij het gaat om aansprakelijkheid voor en afwikkeling van door derden geleden of te lijden schade. Zoals hierboven onder 2.2 vermeld, strekt artikel 283 K er toe te bevorderen, in geval van een aansprakelijkheidsverzekering, dat de verzekerde zich inspant om het ontstaan van schade bij derden te voorkomen of te beperken. Verder is voor een vergoeding onder dat artikel vereist dat de beredding geschiedt in verband met een onmiddellijk dreigende aantasting of een reeds plaatsgevonden hebbende aantasting van belangen van derden. Welke maatregelen van beredding zijn geboden, zal dan ook moeten worden beoordeeld naar wat in redelijkheid dient te worden ondernomen om het onmiddellijk dreigende gevaar van schade voor die derde te keren of om de schade, die uit de reeds plaatsgevonden hebbende aantasting voor die derde kan voortvloeien, zoveel mogelijk voor die derde te beperken. Het financiële belang van de verzekeraar zal wel nog deze rol kunnen spelen dat bij de beslissing over de te nemen maatregelen en de in verband daarmee te maken kosten in de aanwezigheid van een verzekering geen aanleiding mag worden gevonden om meer kosten te maken dan bij afwezigheid van de verzekering zouden worden gemaakt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f7c4cb7171655730b902a39dbd2ced5f4428fcfc4fb7cc2d40dce837d87e7200. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f7c4cb7171655730b902a39dbd2ced5f4428fcfc4fb7cc2d40dce837d87e7200, en de alinea staat in dat document op bytes 46047 tot 48539.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f7c4cb7171655730b902a39dbd2ced5f4428fcfc4fb7cc2d40dce837d87e7200 | shasum -a 256