Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007
Alinea 87 Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 november 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA7560.
2.17 De beantwoording van de vraag of er sprake is van een onmiddellijk dreigend gevaar, dient te geschieden vanuit het vertrekpunt of de verzekerde redelijkerwijs de aanwezigheid van een onmiddellijk dreigend gevaar heeft mogen aannemen. Verzekeraars bestrijden dat op zichzelf niet; zie de cassatiedagvaarding, blz. 9 bovenaan. In subonderdeel d wordt wel bestreden, kort samengevat, dat het hof heeft geoordeeld dat Staedion in redelijkheid heeft kunnen menen dat er sprake was van een onmiddellijk dreigend gevaar. Daartoe wordt gewezen op de kennis omtrent de asbestproblematiek in gebouwen en woningen die verondersteld mag worden bij Staedion als grote woningcorporatie aanwezig te zijn, inclusief de kennis van de strekking en ratio van de normen en criteria van de Regeling Bouwbesluit materialen 1998 voor asbestblootstelling. Vanwege die kennis moet het, zo wordt betoogd, voor Staedion rondom februari 2000 zonder meer duidelijk zijn geweest dat enig uitstel van de saneringsoperatie geen onmiddellijk dreigend, extra en ernstig gezondheidsgevaar voor de bewoners kon opleveren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f7c4cb7171655730b902a39dbd2ced5f4428fcfc4fb7cc2d40dce837d87e7200. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f7c4cb7171655730b902a39dbd2ced5f4428fcfc4fb7cc2d40dce837d87e7200, en de alinea staat in dat document op bytes 38140 tot 39243.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f7c4cb7171655730b902a39dbd2ced5f4428fcfc4fb7cc2d40dce837d87e7200 | shasum -a 256