Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007

Alinea 76 Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA7624.

8. Zie F.Th. Kremer, Moeten alle buitengerechtelijke kosten vergoed worden; zo ja, waarom niet?, bijdrage in bundel 'Een Salomons oordeel', 1991, blz.30; A.R Bloembergen (in de hoedanigheid van wnd A-G), conclusie voor HR 9 december 1994, NJ 1995, 250, § 2.5; T.J. Dorhout Mees, Buitengerechtelijke kosten en de verzekeraar, Vrb 1995, blz. 25; J.M. Tromp, Personenschade in de praktijk, 1996, blz. 128; F.A.R.M. Zwarts, Kosten rechtsbijstand, een splijtzwam in de schaderegeling, Ken-nis, 1999, blz. 14; S.D. Lindenbergh, Buitengerechtelijke kosten; grondslag en betekenis daarvan, bijdrage in PIV-bundel Buitengerechtelijke kosten, 2000, blz. 26; P.J.M. Houben, Buitengerechtelijke kosten en eigen schuld; actuele stand van zaken, PIV-bulletin 2006,1, blz. 12 e.v.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/516e3da743a96bb10f8214242027f5764276bae17958fa31559bfc43bce0fa99. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 516e3da743a96bb10f8214242027f5764276bae17958fa31559bfc43bce0fa99, en de alinea staat in dat document op bytes 33822 tot 34602.