Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 september 2007

Alinea 58 Parket bij de Hoge Raad 7 september 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 september 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA7634.

2.11 Het GEA heeft geoordeeld dat het eerste deel van de vordering van [verzoeker], door het GEA met a) aangeduid, strandt op het gezag van gewijsde van het vonnis van 19 april 2004, waarop [verweerder] zich ook had beroepen (zie hiervoor onder 1.6). Dit oordeel berust op de uitleg van het GEA van zijn eerdere vonnis van 19 april 2004. Het Gemeenschappelijk hof heeft, feitelijk en voldoende gemotiveerd, hetzelfde geoordeeld, door de beslissing en de motivering van het GEA tot de zijne te maken. Het hof behoefde zijn oordeel niet nader te motiveren aangezien [verzoeker] slechts heeft verwezen naar de producties die reeds in eerste aanleg bij conclusie van repliek waren overgelegd en mitsdien al in de beoordeling door het GEA waren betrokken. Het middel geeft, voorzover het al voldoet aan art. 407 lid 2 Rv., voorts niet aan op welke stellingen van de man het Gemeenschappelijk hof had dienen in te gaan en welke de nieuwe feiten en omstandigheden zouden zijn, die indien zij zouden komen vast te staan, tot een ander oordeel zouden hebben moeten leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff6f1dbc4f6c15a5ce029bcfd977c23dc7c51d8cacecb1240f3612d6449cdbe8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff6f1dbc4f6c15a5ce029bcfd977c23dc7c51d8cacecb1240f3612d6449cdbe8, en de alinea staat in dat document op bytes 18361 tot 19437.