Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 september 2007

Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 25 september 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 september 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA7657.

Het hof had er wellicht beter aan gedaan helemaal geen overweging aan het beslag te wijden, of, met andere woorden, het beslag compleet buiten beschouwing te laten. Een beslissing op grond van art. 353 Sv ligt in het onderhavige geval niet voor de hand, omdat het hof zich dan eerst inhoudelijk met het ad informandum tenlastegelegde feit zou moeten bezighouden. Ook in de beslissing om de bewaring van het voorwerp ten behoeve van de onbekende rechthebbende te gelasten ligt al besloten dat de verdachte naar het oordeel van het hof niet als rechthebbende kan worden aangemerkt.(7) Van zo een impliciete beslissing dient de rechter zich te onthouden in een zaak die niet aan zijn oordeel onderworpen is. Redelijke wetsuitleg brengt daarom mijns inziens met zich dat de rechter geen beslissing als bedoeld in art. 353 Sv hoeft te geven als het inbeslaggenomene verband houdt met feiten die niet aan het oordeel van die rechter zijn onderworpen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/89a75fd639b5e93f2636bb4095aa5c03fe24622d83018374c0730941c410d468. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 89a75fd639b5e93f2636bb4095aa5c03fe24622d83018374c0730941c410d468, en de alinea staat in dat document op bytes 12511 tot 13469.