Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 december 2007

Alinea 29 Parket bij de Hoge Raad 4 december 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 december 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA7912.

Voor zover door de verdediging is gesteld dat "een beetje onduidelijk is gebleven" of de verdachte ook werkelijk de inhoud van de dagvaarding heeft gelezen en dus op de hoogte was van de datum en het tijdstip van de terechtzitting in eerste aanleg, overweegt het hof dat zowel uit de daarvan opgemaakte akte van uitreiking als uit het ambtsedig opgemaakte proces-verbaal van politie Haaglanden d.d. 14 september 2005, PL 15A4/2005/9878-17 valt af te leiden dat op 20 augustus 2005 aan de verdachte, die alstoen in het politiebureau verbleef, in persoon de dagvaarding is betekend alsmede dat de verdachte niet voor ontvangst van een afschrift wenste te tekenen. Onder die omstandigheden komt het naar het oordeel van het hof voor rekening en risico van de verdachte als deze de dagvaarding ongelezen laat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ceacd7664e41dcd679f6bd74c4adf8ba4d598303ae2925521fcc360e1bfab464. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ceacd7664e41dcd679f6bd74c4adf8ba4d598303ae2925521fcc360e1bfab464, en de alinea staat in dat document op bytes 11060 tot 11879.