Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2007

Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA7932.

Ik had [verdachte] op maandag 16 augustus 2005 om de auto gevraagd en gezegd dat ik hem bij het teruggeven van de auto geld zou geven. [Medeverdachte 1] was erbij toen ik de auto van [verdachte] kreeg. Ik heb [verdachte] op dinsdag 17 augustus 2005 verteld wat er gebeurd was. [Verdachte] was erg geschrokken toen ik hem bij het terugbrengen van de auto vertelde wat er was gebeurd. Ik had voordat ik de auto van [verdachte] had geleend mijn vriendin reeds gezien.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/28e0aa0de199bd2f79899e751a4d1f625ae48d9bf5b38161988e717ba3a9c2c6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 28e0aa0de199bd2f79899e751a4d1f625ae48d9bf5b38161988e717ba3a9c2c6, en de alinea staat in dat document op bytes 11690 tot 12168.