Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2007
Alinea 49 Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 oktober 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA7952.
20. Ik heb mij voorts nog afgevraagd of de bereikte conclusie te verenigen valt met het reeds aangehaalde arrest HR NJ 2003, 304. Deze uitspraak houdt in dat een verdachte die niet heeft voldaan aan de verplichting ademlucht te blazen in een voor de ademanalyse bestemd apparaat en wiens gebrek aan medewerking ertoe heeft geleid dat het ademonderzoek niet is voltooid zich er niet met vrucht op kan beroepen dat het bepaalde in art. 7, eerste lid, Besluit alcoholonderzoeken niet is nageleefd. Dit echter behoudens bijzondere omstandigheden, waarvan sprake "kan zijn" indien de verdachte zijn weigering daarop heeft gegrond dat het desbetreffende ademanalyse-apparaat niet wordt bediend door een daartoe aangewezen opsporingsambtenaar.(14) Deze uitspraak brengt in elk geval als regel mee dat de verdachte in een dergelijk geval, indien de aanwijzing inderdaad ontbreekt, moet worden vrijgesproken. Dit omdat niet bewezen kan worden dat hij geweigerd heeft zijn medewerking te verlenen aan een "onderzoek" als in de wet bedoeld. Volgt daaruit dat steeds wanneer de aanwijzing blijkt te ontbreken, niet van een "onderzoek" kan worden gesproken?
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/afa79f8747a977b1053436a1807767b8b83928b0e9fc35ec9b9f7af5e82f12d9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt afa79f8747a977b1053436a1807767b8b83928b0e9fc35ec9b9f7af5e82f12d9, en de alinea staat in dat document op bytes 34563 tot 35720.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/afa79f8747a977b1053436a1807767b8b83928b0e9fc35ec9b9f7af5e82f12d9 | shasum -a 256