Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 december 2007
Alinea 51 Parket bij de Hoge Raad 21 december 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 december 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA8463.
19. Zo beschouwd heeft het Hof een niet geheel overtuigende redenering opgezet door ervan uit te gaan dat de gelden die door verzoekers cliënten werden toevertrouwd niet tot het (vreemd) vermogen van diens vennootschappen zijn gaan behoren. Het arrest van de Hoge Raad van 27 maart 2001 laat zien dat die omstandigheid in dit verband niet doorslaggevend kan zijn.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2f2d5cd71a39a621d9cf8c6fbf6d8006b13ca92ad7ad9ad237e3b16283b48e61. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2f2d5cd71a39a621d9cf8c6fbf6d8006b13ca92ad7ad9ad237e3b16283b48e61, en de alinea staat in dat document op bytes 27573 tot 27950.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2f2d5cd71a39a621d9cf8c6fbf6d8006b13ca92ad7ad9ad237e3b16283b48e61 | shasum -a 256