Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 november 2007

Alinea 56 Parket bij de Hoge Raad 6 november 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 november 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA8511.

13. De bedoelde beschikking van het Hof Leeuwarden betrof de verlenging van het bevel gevangenhouding. Het Hof heeft daarin overwogen dat de tijd die een verdachte aan wie een ISD-maatregel is opgelegd in voorlopige hechtenis doorbrengt, zo kort mogelijk moet worden gehouden, heel kort gezegd, omdat anders de onbalans tussen de concrete feiten waarvoor de veroordeling wordt uitgesproken en de ondergane vrijheidsbeneming onaanvaardbaar groot kan worden. Daarbij speelt onder meer een rol dat de rechter op de voet van art. 38n, tweede lid, Sr wel kan bepalen dat in voorlopige hechtenis doorgebrachte tijd in mindering wordt gebracht op de duur van de maatregel, maar dat te verwachten valt dat de rechter van die mogelijkheid terughoudend gebruik zal maken, omdat een kortere duur van de ISD-maatregel de effectiviteit daarvan negatief kan beïnvloeden. Het Hof Leeuwarden oordeelde mede daarom dat een meer dan gebruikelijke voortvarendheid van het OM en de rechter in beide feitelijke instanties wordt gevraagd bij de berechting van zaken waarin in eerste aanleg een ISD-maatregel aan een zich in voorlopige hechtenis bevindende verdachte is opgelegd. In dat kader achtte het Hof voorshands een inhoudelijke behandeling in hoger beroep binnen 90 dagen na het instellen van appèl redelijkerwijs mogelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f437e526db75bc1b100efe7650824beb7fcf747d8136794e340d30358cb465ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f437e526db75bc1b100efe7650824beb7fcf747d8136794e340d30358cb465ab, en de alinea staat in dat document op bytes 16738 tot 18062.