Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 november 2007

Alinea 59 Parket bij de Hoge Raad 6 november 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 november 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA8511.

16. Ik meen dat het in dit kader niet ongepast is om te wijzen op een onduidelijkheid in de beschikking van het Hof Leeuwarden. Het Hof overweegt aan de ene kant dat het van oordeel is dat de voorlopige hechtenis in de hoger beroepsfase in beginsel niet langer dan 90 dagen mag duren, maar verlengt aan de andere kant de gevangenhouding met 60 dagen. Die 60 dagen kwamen bovenop de 60 dagen gedurende welke de gevangenhouding na het vonnis in eerste aanleg doorliep (art. 66 lid 1 Sv) en bovenop de 30 dagen waarmee het Hof de gevangenhouding eerder al had verlengd. De facto kwam de beschikking er dus op neer dat de zaak binnen (iets minder dan(3)) 150 dagen na het instellen van het hoger beroep diende te worden behandeld. Of het Hof zich ongelukkig heeft uitgedrukt en eigenlijk bedoelde dat een ISD-zaak binnen de 90 dagen waarmee de gevangenhouding maximaal zal worden verlengd, op de zitting moet staan, dan wel dat sprake is van een impliciete vorm van rechterlijk overgangsrecht, is niet duidelijk. In beide gevallen geldt dat de beschikking van het Hof Leeuwarden geen sterk argument oplevert om een termijn van iets meer dan 5 maanden voor de behandeling van een ISD-zaak in het ressort Den Bosch - waarin kennelijk geen sprake was van een afgekondigd en geïmpliceerd beleid met betrekking tot de duur van het voorarrest - onredelijk lang te noemen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f437e526db75bc1b100efe7650824beb7fcf747d8136794e340d30358cb465ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f437e526db75bc1b100efe7650824beb7fcf747d8136794e340d30358cb465ab, en de alinea staat in dat document op bytes 20150 tot 21525.