Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 november 2007

Alinea 62 Parket bij de Hoge Raad 6 november 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 november 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA8511.

19. Deze combinatie van factoren maakt ISD-zaken uizonderlijk, óók in vergelijking met zaken waarin de verdachte wordt geconfronteerd met de (dreigende) oplegging van de maatregel van terbeschikkingstelling. Weliswaar geldt ook hier dat het voorarrest niet op de maatregel in mindering wordt gebracht (zodat het instellen van rechtsmiddelen tot een verlenging van de totale duur van de vrijheidsbeneming kan leiden), maar daar staat tegenover dat tbs vaak in combinatie met gevangenisstraf wordt opgelegd, zodat het voorarrest daarop in mindering kan en moet worden gebracht. De kleine categorie zaken waarin uitsluitend tbs wordt opgelegd, is niet vooraf af te bakenen, zodat het praktisch onmogelijk is daarop apart beleid te voeren.(5) Bovendien gaat het bij oplegging van tbs doorgaans om veel ernstiger feiten, waardoor van een wanverhouding tussen de ernst van het feit en de duur van het voorarrest niet snel sprake zal zijn. Ten slotte zij opgemerkt dat tbs-zaken doorgaans ingewikkeld zijn en alleen al vanwege de vereiste rapportage eerder een langere dan een korte procesduur rechtvaardigen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f437e526db75bc1b100efe7650824beb7fcf747d8136794e340d30358cb465ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f437e526db75bc1b100efe7650824beb7fcf747d8136794e340d30358cb465ab, en de alinea staat in dat document op bytes 23467 tot 24584.