Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2007

Alinea 104 Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA8774.

4.3 Voor de stelling dat de curator heeft erkend dat het hier gaat om een vervalbeding valt iets te zeggen. Maar er valt ook het nodige op af te dingen. Met name in de cvr onder 8 komen beschouwingen voor waarin het Hof kennelijk heeft gelezen dat de curator de uitlegkwestie aan de orde stelt. Dat oordeel is feitelijk en niet onbegrijpelijk. Dat 's curators betoog is ingebed in een uiteenzetting over de derogerende werking van redelijkheid en billijkheid behoefde het Hof niet tot een tegengesteld oordeel te brengen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9820ccbac027594356a5529b6a5686435735f68fe359066ee88d815d2b370f25. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9820ccbac027594356a5529b6a5686435735f68fe359066ee88d815d2b370f25, en de alinea staat in dat document op bytes 33411 tot 33945.