Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2007
Alinea 76 Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA8774.
3.16 Anders dan de rechtbank heeft geoordeeld, ziet het hof geen aanleiding om hierover anders te denken op de grond dat is getracht op basis van vervalste stukken NOWM ertoe te bewegen het beroep op artikel 11.2.2 op te geven. Vaststaat dat NOWN zich reeds ruimschoots voordat de valse stukken opdoken, voor het eerst op artikel 11.2.2 heeft beroepen, terwijl dat beroep toen reeds naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar was. Dat die valse stukken opdoken maakt het beroep op artikel 11.2.2 niet alsnog aanvaardbaar. Dat is alleen al zo omdat gesteld noch gebleken is, noch voor de hand ligt te veronderstellen dat die stukken ook zouden zijn opgedoken als NOWM zich niet zou hebben beroepen op artikel 11.2.2. Uiteraard heeft NOWM het gelijk aan haar zijde dat die fraude niet door de beugel kan, maar zij heeft, zoals hierboven uiteengezet, niet de door haar bepleite consequenties. Verweer B wordt derhalve verworpen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9820ccbac027594356a5529b6a5686435735f68fe359066ee88d815d2b370f25. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9820ccbac027594356a5529b6a5686435735f68fe359066ee88d815d2b370f25, en de alinea staat in dat document op bytes 23424 tot 24383.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9820ccbac027594356a5529b6a5686435735f68fe359066ee88d815d2b370f25 | shasum -a 256