Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007
Alinea 147 Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA9610.
4.12 In elk geval komt het mij voor dat in een geval als het onderhavige goede grond bestaat om art. 407 lid 2 Rv. strikt toe te passen,(50) zelfs wanneer de wederpartij daarop uit de goedheid haars harten geen beroep doet. Het dient immers tot weinig en leidt slechts tot meer kosten wanneer de verwijzingsrechter zou worden genoopt tot een onuitvoerbare exercitie.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e7c64b5d8367f62da822c655fff1cb83bd0266807794969951c751efda077082. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e7c64b5d8367f62da822c655fff1cb83bd0266807794969951c751efda077082, en de alinea staat in dat document op bytes 56792 tot 57171.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e7c64b5d8367f62da822c655fff1cb83bd0266807794969951c751efda077082 | shasum -a 256