Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007
Alinea 89 Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 september 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BA9614.
4.7 Blijkens artikel 22.4 van de arbeidsovereenkomst hebben partijen bij de afvloeiingsregeling rekening gehouden met de mogelijkheid dat daarnaast door de rechter een ontbindingsvergoeding wordt vastgesteld. Gelet daarop zal nakoming van die regeling in het algemeen niet onaanvaardbaar zijn naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid, zoals bedoeld in art. 6:248 lid 2 BW (zie opnieuw: HR 2 april 2004, NJ 2006, 212). Daarom is in deze ontbindingsprocedure niet aannemelijk gemaakt dat niet verwacht mag worden dat de afvloeiingsregeling zal worden nagekomen. Gelet op de hoogte van de in de afvloeiingsregeling overeengekomen vergoeding komt het het Hof met het oog op alle omstandigheden van het geval niet billijk voor daarnaast nog een vergoeding toe te kennen ten laste van BMG. Dit leidt tot de slotsom dat geen vergoeding naar billijkheid wordt toegekend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5dcf430c8e759bf7c572fa3fcc2af520dab0b43303df49017112c37140e4dcbb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5dcf430c8e759bf7c572fa3fcc2af520dab0b43303df49017112c37140e4dcbb, en de alinea staat in dat document op bytes 32341 tot 33223.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5dcf430c8e759bf7c572fa3fcc2af520dab0b43303df49017112c37140e4dcbb | shasum -a 256