Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2007
Alinea 17 Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2007
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 oktober 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BB3321.
2.1. Art. 2 lid 1 Wet Bopz vereist voor het verlenen van een voorlopige machtiging dat de betrokkene gestoord is in zijn geestvermogens. Art. 2 lid 2 voegt daaraan als vereisten toe dat de stoornis van de geestvermogens de betrokkene gevaar doet veroorzaken en dat dit gevaar niet door tussenkomst van personen of instellingen buiten een psychiatrisch ziekenhuis kan worden afgewend. De verhouding tussen deze wettelijke regels en alcoholverslaving is reeds aan de orde geweest in HR 23 september 2005, NJ 2007, 230 m.nt. J. Legemaate (BJ 2005, 35 m.nt. W. Dijkers), waarnaar ik moge verwijzen(1). De opvatting dat een alcoholverslaving nimmer een stoornis van de geestvermogens in de zin van de Wet Bopz kan opleveren werd door de Hoge Raad uitdrukkelijk verworpen (rov. 3.4.1).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b2b1f0b32e09dbb8c4f3b0f1adb030384b350f3ac7f9a96a7d7f583850bb0081. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b2b1f0b32e09dbb8c4f3b0f1adb030384b350f3ac7f9a96a7d7f583850bb0081, en de alinea staat in dat document op bytes 6940 tot 7733.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b2b1f0b32e09dbb8c4f3b0f1adb030384b350f3ac7f9a96a7d7f583850bb0081 | shasum -a 256