Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 november 2007

Alinea 155 Parket bij de Hoge Raad 16 november 2007

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 november 2007, ECLI:NL:PHR:2007:BB7940.

5.19. De wetgever wilde met art. 10a uw winstdrainagejurisprudentie codificeren, maar ook aanscherpen. Zo legt art. 10a de bewijslast met betrekking tot de zakelijkheid van de handelingen bij voorbaat (dus niet via een aan feiten ontleend vermoeden) op de belastingplichtige en wordt een compenserende heffing niet aangenomen als de (buitenlandse) crediteur compensabele verliezen heeft of andere aanspraken (zoals credits) waardoor per saldo geen belasting wordt geheven. Voorzover geen wijziging is beoogd, kan art. 10a echter als codificatie van uw winstdrainagejurisprudentie gelden en dus worden uitgelegd aan de hand van die jurisprudentie.(24)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f81bb2fb91ba18958981ef558acd790d94dad26f119ab1fd622a01e173905c92. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f81bb2fb91ba18958981ef558acd790d94dad26f119ab1fd622a01e173905c92, en de alinea staat in dat document op bytes 65167 tot 65830.